Posts tonen met het label winkelen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label winkelen. Alle posts tonen

dinsdag 10 mei 2011

Magical Mystery Tour

Ter gelegenheid van ons 12,5-jarig jubileum (dat is handig van niet trouwen, dan bereik je veel sneller officiële mijlpalen dan die mensen die na een paar jaar samen zijn in het huwelijk treden en daarmee de teller weer op 0 zetten) zijn Michel en ik drie dagen naar Liverpool geweest. We waren daar geen van beiden ooit geweest, wat in het geval van Michel raar is, want hij is een grote Beatles-fan en zijn ouders hebben hem een groot deel van Engeland wel laten zien, en in het mijne misschien nog wel raarder, want ik heb een Brits paspoort, maar zoals er Nederlanders zijn die Lelystad nog nooit hebben gezien (al is dat wellicht terecht), heb ik ook hiaten in mijn kennis van het thuisland. We hadden voor twee nachten gereserveerd in het prachtige, maar ook prijzige, Hard Day's Night Hotel, een Beatles-hotel, dat het voor elkaar kreeg om het thema op onirritante wijze vorm te geven, wat een prestatie mag heten. Het grote jubileum-diner was gepland in het enige sterrenrestaurant in de regio, maar twee weken voor de grote dag werd de chef getroffen door een niet nader te noemen ziekte, zodat we ons genoodzaakt zagen ons heil elders te zoeken - het werd het restaurant in het hotel, Blakes (en ja, dat past ook in het thema, hij heeft de hoes van Sergeant Pepper's Lonely Hearts Club Band ontworpen), zodat we eigenlijk het hotel niet meer uit hoefden, zeker nadat ik de zeer stijlvolle cocktailbar aldaar, compleet met White Lady Madonna's en Rocky Raspberry Raccoons, had ontdekt.
Maar we zijn natuurlijk het hotel wel uit geweest. De eerste dag hebben we bijna geheel besteed aan winkelen, in het Liverpool One Shopping Center (Beatles-thematiek alom inderdaad); tot mijn eigen grote verbazing heb ik zo goed als niets gekocht, want ik kreeg de indruk dat de leading trends in Engeland op het moment zo ordinair en goedkoop mogelijk zijn, en dat past ook wel bij de dames die we hebben gezien - ik heb nog nooit zulke hoge hakken, zoveel gezichtsplamuur en dergelijk slecht aangebrachte hairextensions en nepnagels gezien als dit weekend. Zaterdag was Beatlesdag: we zijn op de Magical Mystery Tour geweest, een bustour langs zo'n beetje alle locaties in Liverpool die iets met de Beatles of hun liedjes te maken hebben. Zo zagen we het geboortehuis van Ringo Starr en George Harrison, het huis waar Paul McCartney woonde, het niet zo bescheiden stulpje waarin John Lennon is opgegroeid (Working Class Hero, mijn reet) en het knalrode hek bij Strawberry Field(s). Het mooiste vond ik Penny Lane, want de dingen die in het lied bezongen worden waren er nog: the barber shop en the shelter in the middle of the roundabout bijvoorbeeld. Na de tour zijn we nog naar de Beatles Story geweest, een interactieve tentoonstelling, met allerlei attributen die misschien van de Beatles zijn geweest, foto's, een nagebouwde Cavern (maar de 'echte' Cavern is ook nagebouwd, dus die in de Beatles Story is in zekere zin weer authentiek, of in elk geval net zo authentiek als de vermeend authentieke) en een levensgrote Yellow Submarine. Op de laatste dag bezochten we voor een stukje onvervalste high brow culture Tate Liverpool, alwaar een prachtige tentoonstelling over sculptuur te zien was. En toen moesten we alweer naar huis, maar niet dan nadat we Michel op John Lennon International Airport met het beeld van het icoon gefotografeerd hebben, want themareizen moet je natuurlijk in stijl afsluiten.

zaterdag 9 april 2011

Instant Karma

Met al die drukte rond het starten van het thuisrestaurant en het reïntegratietraject op school is het andere grote project in mijn leven, het 101 dingen-lijstje, een beetje in de versukkeling geraakt. Gelukkig heb ik deze week weer eens ouderwets een vinkje kunnen zetten, want ik heb bloemen voor iemand gekocht. Dat klinkt misschien tamelijk eenvoudig, het enige wat je hoeft te doen om bloemen voor iemand te kopen is tenslotte je karkas naar de bloemist slepen, een leuk tuiltje samenstellen en de pinpas trekken, maar het is niet iets dat ik heel vaak doe. Dat komt deels doordat ik zelf behoorlijk slecht ben in bloemen en planten (ik houd niet zo van boeketten en ik kan zelfs een vetplant binnen vier weken om zeep helpen) en deels doordat ik het geven van bloemen iets bijzonders vind, zodat ik het alleen overweeg als er echt een bijzondere gelegenheid aan de orde is. Maar een dergelijke situatie deed zich deze week voor, omdat een goede vriend een belangrijke knoop heeft doorgehakt - echt iets om te markeren met een vrolijke bos tulpen, leek me. De bloemist vond mijn ADHD-achtige kleurenselectie niet heel masculien, maar ik heb hem gezegd dat een doorgewinterde retro-man heus niet gelijk al zijn testosteron verliest als er hier en daar een paars bloemetje te zien is, en toen was die discussie naar ons beider tevredenheid afgerond, behalve dan dat hij, kennelijk in het kader van het hetero-behoud, verder geen lintjes meer aan het plastic heeft geniet.
Zelf krijg ik overigens uiterst zelden bloemen. Mijn schoonouders nemen weleens een bos witte lelies voor me mee (als gothic-light vind ik dat de mooiste bloemen) en soms behaagt het de schoolleiding vele uren onbetaald overwerk te honoreren met een boeket op tankstation-niveau, maar verder hoef ik bijna nooit mijn overdreven uitgebreiden collectie vazen aan te spreken en dat vind ik op zich helemaal niet zo erg. Ik vond het wel een mooie demonstratie van het 'what goes around, comes around'-principe toen ik op de dag dat ik de tulpen gegeven had thuiskwam en een onduidelijk pakket op de mat trof: het bleek een speciale bloemenverzenddoos van de TNT. Een week of zes geleden hadden ze me een schitterende demonstratie van professionele incompetentie gegeven, en vooral uit gêne over het feit dat ze mijn formele klacht onbeantwoord hadden gelaten stuurden ze me nu ter compensatie een doosje met rozen. Op het briefje dat erbij zat stond in comic sans (het lettertype waarin ik het minst graag post ontvang, maar dat kan Tante Pos niet weten) 'We zijn er helaas niet in geslaagd om de service te verlenen die u van ons had mogen verwachten'. Ik was inmiddels de teleurstelling over hun falen al lang te boven, dus het was eigenlijk vooral een leuke verrassing, die rozenpost. Misschien moet ik toch maar vaker een bloemetje in huis halen.

zondag 3 april 2011

Lente

Nu de dagen beginnen te lengen (dat doen ze op zich al sinds december, maar de kunstmatige dagverlenging die de zomertijd oplevert zorgt ervoor dat ik het nu pas echt voel) en het dus lente begint te worden, merk ik dat een ieders stemming er drastisch op vooruit gaat. Gisteren was iedereen in de stad blij, veel dames hadden een nieuwe jurk, die ze speciaal voor de eerste echt mooie dag gekocht leken te hebben, en de driekwartbroek voor mannen was helaas ook stevig vertegenwoordigd op de Leidse markt (harige bleke mannenenkels ervaar ik eigenlijk hoogst zelden als begeerlijk). De tulpen staan weer veelkleurig bij de supermarkt en de narcissen die in enorm groten getale bij het Belastingkantoor geplant zijn zorgen ervoor dat ik elke dag een beetje extra vrolijk van en naar het station loop. En dan is het nog geeneens echt warm - toen Michel en ik witte wijn op een terrasje gingen drinken moesten we het bij een glas houden, want zodra de zon achter de wolken trok was het toch echt te koud om er nog eentje te nemen.
Maar het wordt natuurlijk sowieso lente - en ik hoop dat het stevig doorzet, want ik heb een regel dat ik tussen 1 april en 3 oktober geen panty's draag (behalve naar begrafenissen, crematies en het Academiegebouw), dus zullen voor mij de temperaturen dus nog wel even iets omhoog moeten. Los van het feit dat ik voorlopig koude benen heb, heb ik enorm veel zin in het nieuwe seizoen, en dan vooral op de manier waarop het zich manifesteert in de categorieën waar ik zo van kan genieten: eten en kleding. Er zijn weer asperges en aardbeien, er loopt verse shoarma door de wei en ik ga volgend weekend de voornamelijk zwart-grijze wintercollectie in mijn kast omwisselen voor mijn overigens even stemmig gekleurde zomerkleding. En het zou helemaal prachtig zijn als langere dagen en warmer weer me stimuleren om nog eens te gaan hardlopen, want dan ben ik optimaal strak voor de zomer - want het allerfijnste van de lente is tenslotte dat je weet dat het voorlopig alleen nog maar mooier gaat worden.

zaterdag 26 maart 2011

Even wachten dan maar...


Toen vorig jaar de iPad in Nederland werd geïntroduceerd, zag ik het nut van het apparaat eigenlijk niet zo in. Ik ben een tamelijk intensieve iPhone-gebruiker: natuurlijk zet ik hem in om te bellen en te sms'en, maar ik heb er ook zo goed als al mijn muziek op staan, mijn agenda wordt doorlopend gesynchroniseerd met alle computers die ik tot mijn beschikking heb, als ik ga hardlopen heb ik de 'Couch to 5K'-app die mij intensief coacht, in de bus kan ik filmpjes kijken en spelletjes doen (wel met mate: ik mag van mezelf niet de volledige versies van Angry Birds of Harbor Master downloaden, want dan komt er nooit meer wat uit mijn handen) en omdat ik au fond een enorme nerd ben, geniet ik behoorlijk van de praktische inzetbaarheid van Lexidium en Lexiphanes, complete woordenboeken Latijn en Grieks (wat wil een mens nog meer?). Als ik een iPad zou kopen, dacht ik, zou ik de status van mijn zo geliefde iPhone terugbrengen tot die van een eenvoudige telefoon, en dat is toch een beetje alsof je een prachtige sportwagen koopt en hem vervolgens in de garage laat staan.
Maar ja, andere mensen kopen wel een iPad, en dan mag ik er heel soms mee spelen (niet in het begin natuurlijk, mensen die net een iPad hebben laten dat ding geen 3 seconden los), en uiteindelijk ben ik er toch wel veel voordelen van gaan inzien - want op de iPad kan je ook echte documenten maken, in plaats van die kleine priegelnotities, en mailtjes schrijven gaat ook een stuk makkelijker, en ik ben ook niet meer de jongste, dus filmpjes kijken op een groter scherm is aanzienlijk prettiger dan met halfdichtgeknepen ogen naar dat minischermpje van de iPhone turen, en dan heb ik het nog niet eens over hoe leuk Angry Birds is als je de vogels op groot formaat tegen de groene varkentjes aan kan lanceren. Allemaal slappe smoesjes natuurlijk, maar bij mij is het nou eenmaal zo dat als het idee dat ik iets wil hebben eenmaal bij mij heeft postgevat, het alleen nog maar een kwestie van tijd is voordat ik de argumenten tegen de aanschaf voor mezelf volledig overtuigend heb weggeredeneerd en er een financiële transactie kan plaatsvinden. Ik heb me een tijdje in kunnen houden, want er zou een nieuwe versie uitkomen en die wilde ik afwachten (al was het alleen al om de eerste generatie iPad-gebruikers die mij niet met die van hen lieten spelen terug te pakken), maar toen de iPad2 op 25 maart in de verkoop zou gaan, was er niets dat me nog tegen kon houden. Of eigenlijk nog maar een ding: het vooruitzicht van de enorme rijen waar ik me bij kon aansluiten als ik dan daadwerkelijk tot de aanschaf wilde overgaan. Ik heb niet heel veel principes, maar ik sta niet in rijen. Dus nu heb ik 'mijn' iPad online aangeschaft, en zal ik er nog even op moeten wachten - dat is ook een soort in de rij staan, maar ik voel me toch aanzienlijk minder kansloos dan ik me zou hebben gevoeld als ik me had moeten aansluiten bij de mensen die ik vrijdagmiddag voor de beide Apple-stores in Rotterdam zag staan, en ik heb gelukkig tenslotte ook nog een hele fijne iPhone om het wachten mee te overbruggen.

zaterdag 19 maart 2011

Nieuwe regels

Naar aanleiding van het '30 dagen niets kopen'-experiment leek het me verstandig om voor de toekomst even een paar regels vast te stellen. Dat ik de neiging heb om overal lijstjes voornemens aan te koppelen is mij sinds ik deze blog gestart ben pijnlijk duidelijk geworden, maar het is niet anders - als ik voor mezelf geen strakke kaders bepaal, kan ik net zo goed geen voornemens maken, want dan houd ik het precies zo lang vol als het duurt voordat de eerste verleiding zich aandient. Met betrekking tot kleding moet ik toch constateren dat ik een enorme, tot de nok gevulde kast heb, maar dat die constatering me er nooit van weerhoudt er elke keer nog even iets bij te kopen, omdat ik denk dat dat item mijn collectie pas echt compleet zal maken. Dat de uitgaven de pan uit rezen was helder (zeker sinds de financiële vrind mij inzicht in mijn uitgaven heeft gegeven - misschien iets te helder zelfs), dat het minder kan wist ik al, en dat het minder moet is het gevolg van mijn eigen lifestyle-keuze minder te gaan werken om het thuisrestaurant waar te maken.
In het kader van goed voornemen nummer 7 ('use it or lose it' toepassen op cosmetica en kleding) en nog nagenietend van het succes van het 30 dagen-project heb ik in geheel eigen stijl maar weer een aantal regels vastgesteld voor het al dan niet aanschaffen van kleding.
1. Ik mag niets kopen dat ik al heb. Dat klinkt als het platbombarderen van een wijdopen deur, maar dat is niet zo: ik heb de neiging om grote hoeveelheden bijna identieke kledingstukken aan te schaffen. Zo heb ik ongeveer 15 shirtjes met een ronde hals en korte, halflange of lange mouwen, 4 zwarte en een aantal kleuren (en dan doe ik nu even of grijs een kleur is). Ik blijf ze maar kopen, omdat het fijne shirtjes zijn en ze lekker zitten, maar het valt niemand op als ik een nieuwe heb, dus ik kan het net zo goed laten.
2. Ik mag alleen iets kopen als ik het nog niet heb. Dat betekent dus dat wat ik koop een aanvulling op de huidige verzameling kleding moet zijn, en geen uitbreiding. Zo heb ik vrijdag een beige wikkelbloes met stippen gekocht, en een smalle grijze broek, geen van beide dingen die ik in een andere kleur of vergelijkbaar model al bezit. Dat mag dus wel, maar het leek me dat ik voldoende rokken heb om met de stippen te combineren en ongeveer een miljard shirtjes die bij de broek passen, zodat ik de kandidaten voor die aanschaf allemaal keurig in het rek heb laten hangen.
3. Ik moet extreme terughoudendheid betrachten waar het gaat om de aanschaf van grijze of zwarte kleding. Sinds mijn 16de heb ik de neiging om zo veel mogelijk zwart te dragen, want het schijnt af te kleden (dat vraag ik me af overigens; volgens mij ben je gewoon een dikke in een zwarte jurk) en ik vind dat het mooi contrasteert mijn licht pipsige Engelse huid. Of dat nou waar is of niet: ik heb meer dan genoeg in deze kleuren, en ik hoef ook niet gelijk als een soort Oilily-bankstel rond te gaan lopen, maar dat gothic-light imago van mij is op zich wel aan een herziening toe en in het kader van het 101 dingen-lijstje heb ik ook het plan om een week lang helemaal geen grijze of zwarte kleding te dragen (iets waar ik me overigens al maanden mentaal op aan het voorbereiden ben).
4. Ik moet de kleren die ik al heb dragen. Mijn plan is om elke zondag 3 items uit mijn kast te selecteren die ik al een tijdje niet heb gedragen, en die in de week daarop weer eens het daglicht te laten zien. Ik heb speciaal hiervoor ook een officiële kledinghypothese geformuleerd: een kledingstuk dat je een jaar niet gedragen hebt, wordt vanzelf weer nieuw. Dat is overigens niet onbeperkt toepasbaar, ik heb collega's die de indruk wekken regelmatig kleding uit de jaren '80 nog een kans te geven, maar voor het merendeel van de dingen die ik in de kast heb hangen zou deze theorette toch zeker het toetsen waard moeten zijn.
Ik ben benieuwd hoe lang ik het volhoud - mijn goede voornemens lukken op het moment slechts ten dele, maar misschien is het wel zo dat ik van alles wat ik me voorneem een bepaald percentage daadwerkelijk uitvoer, wat zou moeten betekenen dat ik meer bereik naar gelang ik me meer voorneem. Dat zou mooi zijn, want ik vermoed dat ik mezelf in de nabije toekomst met nog meer rijtjes regels in het gareel zal trachten te krijgen...

zaterdag 12 maart 2011

30 dagen niets kopen

Na een genoeglijk dagje Amsterdam met Michel, dat in het teken stond van mijn Kerstcadeaus (dat is ook een manier om de feestdagen optimaal te rekken, gewoon in februari pas openstaande cadeaus incasseren), maar waarop ik ook de kans heb gegrepen een nieuw paar 'duurste laarzen aller tijden' aan te schaffen, leek het me een mooi moment om wat matiging in mijn uitgavenpatroon aan te brengen. Los van het feit dat het wel een keer goed zou zijn voor mijn banksaldo als ik een tijdje niet te pas en vooral te onpas de kaart uit mijn portemonnee zou trekken, is het ook een voorbereiding op de nabije toekomst: als ik volgend schooljaar serieus van start wil gaan met het thuisrestaurant, en dat wil ik, zal ik minder op school moeten gaan werken, en dan gaan mijn vaste inkomsten omlaag, en waarschijnlijk precies dat deel van mijn salaris dat ik elke maand zonder enige scrupule over de balk smijt. Om mezelf rustig te laten wennen aan het soberder leven, heb ik besloten eerst een overzichtelijke termijn van 30 dagen in te stellen voor het project en met mezelf afgesproken dat ik geen geld zou uitgeven aan kleding, schoenen, boeken, cd's, dvd's, cosmetica en attributen voor de keuken.
Hoewel je een junk die aan het afkicken is een bezoek aan een drugspand van harte af zou raden, leek het mij juist wel verstandig om toch hier en daar wat winkels te bezoeken, zowel online als in real life. Ik kan namelijk moeilijk doen alsof er geen winkels zijn, en bovendien ging het me er juist om om bewust niets aan te schaffen, en als je geen dingen ziet die je wilt kopen, kan je ze ook niet ongekocht laten. Bij het winkelen in Leiden zag ik een jurkje met meetlintprint dat ik echt heel mooi vond, vervolgens gepast heb in de hoop dat het me niet zou staan, wat helaas niet het geval was (het flatteert echt alles wat ik heb), en keurig teruggehangen in het rek. Ik heb me ook voor geen enkele emailnieuwsbrief van mijn lievelingswinkels afgemeld, wat wel een aantal hele moeilijke momenten heeft veroorzaakt - Marlies Dekkers heeft een paar dagen geen verzendkosten geheven en All Saints bood mij, juist toen ik dacht dat het ergste achter de rug was, ineens 10% korting op een jurk die ik al eerder wilde hebben. En mijn grote held Elvis Costello bleek een nieuwe cd uit te hebben gebracht, die ik volgens mijn eigen regels niet mocht aanschaffen. Maar ik bleef standvastig, al heb ik de mensen in mijn directe omgeving wel flink lastig gevallen met hoe zwaar ik het had en doorlopend op Facebook zitten zeuren. Toen de 30 dagen voorbij waren, ben ik niet gelijk als een bezetene met de pinpas gaan wapperen, sterker nog, ik heb niets gekocht, behalve een paar theedoeken voor het thuisrestaurant. En dat hoefde ook niet: veel dingen die in eerste instantie als onmisbaar op me overkwamen verloren veel van hun aanschafurgentie toen ik even een weekje wachtte met afrekenen. De jurk van All Saints is dan ook op de hele lange baan geschoven, maar het meetlintjurkje ga ik wel aanschaffen, want al met al is dat het enige item dat zoveel indruk op me heeft gemaakt dat ik het na afloop van de magere dagen daadwerkelijk nog steeds wil bezitten. Gelukkig kan ik me nu nog dat soort uitgaven permitteren!

zondag 27 februari 2011

Eten met vrienden

Laatst ging ik op een verloren maandagmorgen koffie drinken met P, misschien wel de vrolijkste van mijn vrolijke vrienden, die allerlei aardige dingen tegen mij zei over mijn blog en me met zijn agenda in de hand wees op goed voornemen nummer 10 (vaker koken voor vrienden). Nou zijn P en zijn eegus J nogal culinair angehaucht (ze zien meer sterrenrestaurants per jaar dan de meeste culinair recensenten), dus ik wist niet zo goed wat ik ze voor moest zetten - probeer maar eens iets te verzinnen voor mensen die de volgende dag bij Inter Scaldes gaan eten. Daarom leek het me handig om de etnische route te kiezen; een mooie gelegenheid om een vinkje op het 101 dingen-lijstje te zetten door een curry te bereiden zonder een potje te gebruiken.
Ik houd erg van Indiaas eten (zal wel komen doordat ik Engels met een koloniale inslag ben: wat mij betreft blijven zowel Gibraltar als de Elgin Marbles eeuwig van ons), niet alleen om in restaurants te consumeren, maar ik vind het ook ontzettend leuk om zelf te bereiden. Ik maak dan intensief gebruik van de producten van de firma Patak's, die een ruim assortiment aan currypasta's biedt, wat handig is, want dan hoef ik niet met allerlei losse spullen aan de slag. Voor het bereiden van een willekeurige curry volg ik standaard dezelfde procedure: ui in de pan, vlees erbij, een paar flinke scheppen uit een potje currypasta naar keuze, een blik gepelde tomaten erin, groente erbij (in elk geval wortel en doperwten, maar regelmatig ook courgette en bloemkool) en aan het eind een stevige scheut yoghurt of slagroom. Dit soort gerechten is overigens ook goed voor mijn lijn, want curry is nagenoeg koolhydraatvrij (en ik eet geen rijst), zodat ik er vaak lekker veel van maak en de restjes vaak de volgende morgen voor het ontbijt opeet - en nee, dat is niet vies, in India eten ze 's ochtends allemaal curry. Ik heb natuurlijk allerlei kookboeken met Indiase recepten zonder Patak's, maar ik dacht altijd dat voor het bereiden van een curry zonder potje het principe zou gelden dat (wat mij betreft) opgaat voor zelfgemaakte pasta, namelijk life's too short. Je bent uren aan het klooien met bloem, ei en een raar apparaat, en uiteindelijk heb je lasagne-bladen - ik denk altijd dat ik mijn tijd en talent beter voor iets anders in kan zetten.
Uiteindelijk heb ik voor het diner met J&P maar meteen hoog ingezet en drie curry's bereid: Lamb Maharadja, kip met groene pepers en een bloemkoolcurry. Verder heb ik nog rijst, zelfgebakken naan, spinazie met uien, gele linzen, relish van tomaten met koriander en yoghurt met walnoten geserveerd. Bij de borrel waren er pappadums met chutney en pickle (die waren dan weer wel uit een potje) en het dessert was mango-sorbet met passievrucht. De kip was, ondanks de groene pepers, niet zo heet, ik had de naan te lang in de oven gelaten, waardoor hij wat crispy was, maar al met al was ik wel tevreden over het diner. Een zelfgemaakte curry smaakt wel echt beter, en je proeft ook individuele kruiden en specerijen, in plaats van een uniforme wall of flavour. Dat smaakt naar meer, en hoewel ik nog meer recepten in de kookboeken die ik al bezit niet heb gemaakt dan wel, heb ik natuurlijk gelijk een paar kookboeken geselecteerd waarmee ik me verder kan verdiepen in het genre: als ik weer ga investeren in vakliteratuur zal ik overgaan tot de aanschaf van zowel het omvangrijke India Cookbook, het Indiase zusje van The Silver Spoon (kennelijk is er een markt voor enorme boeken met 1000 recepten erin: er blijkt ook al een Spaanse, Griekse en Franse pendant van te zijn) als I Love Curry en The Curry Bible - nooit gedacht dat ik ooit het bezit van wat voor bijbel dan ook zou nastreven. De firma Patak's zal het waarschijnlijk zonder mij moeten stellen, want eigenlijk was het niet eens zoveel extra moeite om alles zelf te maken, en ik heb nu een keukenkast vol specerijen en nog een heleboel goede voornemens.

zondag 20 februari 2011

Op taartencursus

Het leek me, tussen alle zakelijke dingen die ik moet leren en ontwikkelen voor mijn thuisrestaurant door, wel even tijd om iets leuks te gaan doen, en dan in het kader van de goede voornemens met twee culinaire vrienden. Ik zit namelijk op het moment tot over mijn oren in fascinerende en adembenemende onderwerpen als rechtsvormen, KvK-nummers, bedrijfsaansprakelijkheidsverzekeringen en starterspakketten van al die banken die mij als beginnend ondernemer binnen willen halen (je vraagt je af waarom; ik hoop natuurlijk dat ze blind vertrouwen op mijn winstgevende capaciteiten, maar ik vrees eerlijk gezegd dat ze me gewoon voor de komende jaren in hun debetgreep willen krijgen). En daar wil ik geen thuisrestaurant voor beginnen - als ik me in al die dingen had willen verdiepen, was ik wel iets bedrijfskundigs gaan doen, maar ik wil koken. Daarom wilde ik als intermezzo in het zuur (want het zakelijke leed is nog lang niet geleden natuurlijk) nu even voor het zoet gaan, dus we hebben ons ingeschreven voor een patisseriecursus bij het Kookpunt in Rotterdam. Om de een of andere reden was ik daar nog nooit geweest, wat op zich achteraf financieel gezien een verstandige zet was, want behalve dat ze daar cursussen geven hebben ze ook een enorme kookwinkel, waar alles wat ik ooit aan culinaire apparaten en gadgets gewild heb (alsmede een flink aantal dingen waarvan ik van het bestaan niet wist maar die ik nu absoluut nodig heb) te koop wordt aangeboden.
Ik had voor een masterclass patisserie gekozen omdat ik niet zo goed ben in desserts. Ik ben er ook niet zo in getraind: zoals voor veel mensen die iets te zwaar zijn geldt ben ik altijd aan de lijn, en in mijn dieet zitten op het moment weinig tot geen koolhydraten, dus bloem- en suikerbommetjes zijn niet gewenst, en Michel, die helemaal niets hoeft te doen om zijn buik plat te houden (behalve regelmatig bier drinken kennelijk), is, naar eigen zeggen, 'niet zo'n toetjesmens', dus aan hem kan ik ook weinig zoets kwijt. Het leek me dus ook dat ik op deze cursus het meest zou kunnen leren. En dat was ook zo - onder de uiterst deskundige begeleiding van chef Gerard hebben allerlei dingen bereid waarvan ik dacht dat die niet voor gewone stervelingen waren weggelegd. Ik heb chocolademoussegebakjes, passievruchtenbavaroisetaart en een Zwitserse notentaart gemaakt; verder hebben we honing-notennougat gemaakt en in chocolade gedoopt, slagroomtruffels gespoten en eveneens in chocolade gewenteld en zelf marshmallows gemaakt. Ontzettend leerzaam, en deze cursus heeft me ook geïnstrueerd in de logistiek van het bereiden van een goed dessert als onderdeel van een diner, dus ik heb er voor het thuisrestaurant zeker wat aan. Nou nog even €1200 voor de mooiste keukenmachine aller tijden bij elkaar zien te sjacheren en ik kan de patisseriekoningin van Leiden en omstreken worden!

zondag 23 januari 2011

Moderniteiten

Lang geleden, in een heel jong stadium van het mobiele telefoon-tijdperk, vroeg Michel wel eens aan mensen die de hele tijd met hun handy in de hand stonden wat ze vroeger deden als er iets mis dreigde te gaan met een afspraak of als ze even een vraag hadden aan een vriend. Meestal kreeg hij hierop als antwoord dat dat soort problemen zichzelf doorgaans oplosten: als je te laat kwam, dan merkte degene met wie je het afgesproken het vanzelf wel, en een vraag aan een vriend is zelden zo urgent dat hij niet even kan wachten. Michel heeft ook nog steeds geen mobiele telefoon - hij gelooft er niet in. Ik daarentegen ben volledig vergroeid met mijn iPhone, en zou zo onderhand liever een onbelangrijk ledemaat inleveren dan mijn handige alles-(en-dan-ook-echt-alles)-in-een-tool kwijtraken.
Ik ben voor mijn dagelijks functioneren sowieso nogal afhankelijk van moderniteiten. Tijdens het verblijf in het sneeuwchalet was ik 5 dagen internetloos, en hoewel ik dat niet actief als een gemis heb ervaren, vooral omdat ik wist dat een tijdelijk ongenoegen was, vond ik het maar wat heerlijk toen een reisgenoot ontdekte dat er gratis Wifi was in het restaurant van het terrein. Wat me de laatste tijd ook opvalt is dat ik dolgraag door de stad loop (en dan maakt het me niet eens heel veel uit welke stad) en dan allerlei winkels bezoek, maar dat ik daadwerkelijke aanschaffen toch het liefst online doe. Zo heb ik deze week in een bui van extreme frustratie met de baas in precies 3 minuten een paar schitterende laarzen gekocht zonder daarvoor de docentenkamer te hoeven verlaten. En zelfs als ik niet uit nijd aan het winkelen ben, kan ik online altijd prima krijgen wat ik wil - ik ben er onlangs nog in geslaagd om een rokje dat ik heel graag wilde te kopen met 70% korting door maar lang genoeg te wachten tot het op my-wardrobe.com voldoende afgeprijsd raakte. En toen het in een sjieke tas in de op de website aangekondigde 'discreet cardboard box' werd afgeleverd (alsof de luidruchtigheid van de verpakking is wat je doorgaans thuis moet verklaren - het probleem is eerder dat er weer een pakket wordt bezorgd, niet hoe het pakket eruit ziet), bleek het prima te passen en kon ik op het 101 dingen-lijstje 'een kledingstuk van Alexander McQueen kopen' afvinken.
Althans, dat kon ik in theorie. Want de website van het dayzeroproject, waar mijn 101 dingen-lijstje woont, is al weken uit de lucht. Ik heb onlangs 3 films gekeken: The Green Hornet (hele leuke trailer, ik had er ontzettend veel zin in, want ik houd erg van superheldenfilms, maar het was van begin tot eind afschuwelijk slecht geschreven, geacteerd en uitgevoerd), Vicky Cristina Barcelona (weer een Woody Allen-film, best aardig) en Volver (mijn eerste Almodóvar, ik vond het schitterend). Inderdaad, twee keer een V, iets dat ik misschien had kunnen voorkomen als ik mijn online lijstje had kunnen bijwerken. Want ik had namelijk zoveel vertrouwen in de digitale snelweg dat ik totaal vergeten was er een back up-ventweggetje langs te leggen, zodat ik nu mijn lijst bijhoud in een onvolledig Excel-bestand. Misschien moet ik toch eens overwegen niet meer zoveel vertrouwen te hebben in al die moderne nieuwlichterij en gewoon weer eens iets ouderwets op papier te zetten...

donderdag 13 januari 2011

Me met mijn eigen zaak bemoeien

Ik ben druk bezig met het uitvoeren van mijn goede voornemens. Vooralsnog richt ik het meeste energie op nummer 4 (serieus mijn thuisrestaurant ontwikkelen). Als onderwijsmens ben ik ervan overtuigd dat een van de eerste stappen die je moet zetten als je iets nieuws wil doen het volgen van scholing is. De allereerste stap is natuurlijk winkelen (het aanschaffen van schrijfwaar gaat altijd vooraf aan scholing - nieuwe dingen schrijf je niet met oude pennen), maar kort daarop volgt het inschatten van wat je nog niet weet en het onderzoeken hoe je de hiaten in je kennis gaat vullen. Ik vind dit eigenlijk heel volwassen van mezelf, want het liefst zou ik al mijn tijd investeren in dingen die in deze fase nog helemaal niet aan de orde zijn, zoals het (laten) ontwerpen van een logo, het drukken van visitekaartjes, materiaal aanschaffen en de hele dag ter inspiratie kookboeken lezen. Helaas zijn dat nou net de activiteiten waar mijn kracht ligt, en ik zal me dus eerst even moeten richten op mijn zwakke plekken.
Ik heb namelijk helemaal geen idee hoe bedrijven in elkaar zitten. Mijn persoonlijke financiële management is jarenlang een drama geweest en begint pas sinds kort ergens op te lijken, maar van dingen als BTW, factureren en afschrijvingen weet ik helemaal niets. Daarom heb ik maandag een online cursus gedaan bij de Kamer van Koophandel, zodat ik na een kleine zes uur schelden tegen een virtuele mevrouw en braaf aantekeningen maken in elk geval het gevoel heb dat ik weet wat er nog allemaal uitgezocht, geleerd, gedaan en geregeld moet worden. Bovendien was ik daarna ook een beetje thuis in de terminologie, zodat ik dinsdag, tijdens het seminar waarvoor ik me bij de KvK Leiden (Start een eigen bedrijf) had aangemeld, niet volledig overspoeld zou raken door nieuwe woorden en begrippen, want jarenlange ervaring wijst uit dat ik in dergelijke gevallen mijn hersens uitzet en in mijn nieuwe schrift tekeningen van bloemen ga zitten maken.
Bij de online cursus was ik erg geschrokken van de mededeling dat 50% van de nieuwe ondernemingen er na 5 jaar mee gestopt is. Het introductie-rondje op het seminar was in dat opzicht een hele geruststelling, want mij leken veel meer dan de helft van de bedrijven die de mensen daar wilden starten bij voorbaat al kansloos; sommigen vanwege de motivatie om te beginnen ('ik zit in de WW en het moet van de UWV' lijkt me geen solide basis), en anderen vanwege het type bedrijf, bijvoorbeeld een consultancy-bureau voor hoe je LinkedIn moet gebruiken (dat kunnen we toch al?), een webwinkel die zich richt op 'vrouwen tussen de 20 en de 70 die midden in de maatschappij staan' (naar mijn perceptie zo'n beetje alle vrouwen, enkele nonnen en hoogbejaarden uitgezonderd), en een man die telefoondiensten en groene stroom gaat verkopen (want daar waren er nog niet genoeg van tenslotte). Al met al heb ik veel geleerd, ik weet nu waar ik me de komende weken onledig mee kan gaan houden: het behalen van een hygiënecertificaat en het vergelijken van algemene voorwaarden. Maar intussen vind ik wel dat ik mezelf een beetje mag belonen voor al dat noeste geleer en minstens een dag mag besteden aan online kookboeken shoppen...

maandag 3 januari 2011

Boven mijn stand

Tijdens het bezoek aan Parijs in november heb ik een bescheiden tour van de grote modehuizen gemaakt, deels omdat het op mijn 101 dingen-lijstje stond (het is namelijk iets wat ik altijd al wilde doen) en deels omdat ik het liefst missies combineer: als ik alleen maar theewinkels zou hebben bezocht, zou het me na 3 vestigingen zijn gaan vervelen, maar als ik na het bezoek aan de Kusmi-winkel op de Champs Elysées nog even bij Louis Vuitton naar binnen kan, blijf ik gemotiveerd. Als je een korte concentratieboog hebt, kom je nog eens ergens, dat blijkt dan maar weer. Bovendien leek het me ook weleens leuk om eens te kijken hoeveel standen er nog boven mijn stand zijn; getuige het gebrekkige saldo dat ik op de bank heb en de iets te dure (en in elk geval te uitgebreide) garderobe die ik bezit zou het goed voor me zijn om aan de andere kant van de 'niet voor jou'-grens te gaan staan.
In totaal heb ik 3 winkels van binnen gezien en bij nog 2 winkels door het raam gekeken. Ik begon bij eerdergenoemde Louis Vuitton en werd gelijk verliefd op een leren rok van €2500. Maar onbereikbare liefdes moet je incasseren voor wat ze zijn, zodat ik daarna op pad ging naar Prada, waar ik niet kon inschatten hoezeer de kleren mijn budget ontstegen, omdat ze daar zo sjiek waren dat er geen prijskaartje te bekennen was. Ik denk dat mensen die bij Prada kunnen winkelen zich niet om een paar euri hoeven bekommeren. De allermooiste winkel was die van Chanel aan de Rue Cambon. Het begon al met een prachtige etalage met nogal wat (ik hoop nep-, maar ik vrees het ergste) bont. Ze hadden een limousineparkeerservice (daar maakte ik geen aanspraak op, ik gebruikte het Parijse witte fietsen-plan) en een meneer die de deur voor me openhield, ook al was het volledig duidelijk dat ik een toerist was die echt niets kwam kopen. Er waren parfums die alleen daar te koop waren en een Chanel-gitaar. Ik heb alles bekeken, een heleboel hele dure dingen aangeraakt, me afgevraagd wat ik zou kopen als ik een onbeperkt budget had, en ik heb zonder de knip te trekken het pand verlaten. De deurman zei nog 'au revoir' tegen me toen ik naar buiten ging; ik hoop maar dat hij voorspellende gaven heeft en dat ik binnenkort een zeer effectief kraslot weet te scoren, want dan ziet hij me inderdaad terug en is die camelia-broche, waarvan ik niet wist dat ik hem nodig had, maar die ik sinds mijn bezoek aan Parijs regelmatig blijk te missen, van mij.

vrijdag 10 december 2010

Rocking around the Christmas tree


Omdat de Goedheiligman elk jaar toch stilletjes ons huisje voorbij rijdt, is het een traditie van Michel en mij om op Sinterklaasavond de Kerstboom op te tuigen. Dit jaar is dat niet gelukt, omdat we die avond terugkeerden uit Maastricht, en omdat, belangrijker nog, de Kerstbomenboot waar ik elk jaar voor veel te veel geld een Nordmann aanschaf pas vanaf 6 december nering ging drijven. Omdat Michel het gierend druk heeft en ik nog steeds in de baas zijn tijd thuis zit, was ik de aangewezen persoon om dit jaar de ballen in de boom te hangen.
En ze hangen, hoor. Niet alleen de ballen overigens: omdat ik het alleen deed had ik alle tijd om onder het genot van een van mijn vele Kerstcd's een uitgebreide analyse te maken van de decoraties die we in de loop der jaren hebben verzameld. De collectie wordt namelijk elk jaar groter: ik koop meer artikelen dan er stuk gaan, maar gelukkig kopen we ook steeds een grotere boom dan het voorgaande jaar. Ik weet niet precies waar deze inflatie gaat eindigen, maar ik constateer nu nog zeker een meter tussen piek en plafond, dus een verhuizing in verband met de maat van de Kerstboom hangt me voorlopig gelukkig nog niet boven het hoofd.
Mijn moeder probeerde elk jaar een smaakvolle boom neer te zetten, met uitsluitend appeltjes, of alles in zilver, of een vast formaat ballen, maar zodra zij de sjieke dingen erin gehangen had, plempte ik haar boom helemaal vol met troep. En dat doe ik nog steeds, en nu heb ik mijn eigen boom, dus niemand houdt me tegen (Michel zou het kunnen proberen, maar ik denk dat hij niet durft).
Als ik de lampjes en de slingers erin heb gehangen, begin ik met de poppetjes: ik heb een voorkeur voor Kerstdecoraties met een gezicht. In de boom hangen allerlei engeltjes (vooral van de Hema), een wijze man uit het oosten, een herder en Kerstmannen. Pronkstuk in deze categorie is de zogeheten 'Toilet Santa'; wie wil er nou geen Kerstman met toiletontstopper in zijn boom hebben? Als ik klaar ben met de antropomorfe decoraties komen de andere attributen: sneeuwpoppen, dieren, sterren, glazen kerstbomen, zilveren schoenen, bellen en de Liverpoolshirt-vormige kerstballen (die zijn van Michel trouwens). Ieder ander zou denken dat de boom, hoewel hij in geen enkele fase van het optuigproces smaakvol geweest was, nu vol zou zijn, maar ik denk daar heel anders over. Nu gaan de ballen erin, als vulsel van de takken die leeg zijn of waar te weinig aan hangt. Ik koop zelf nooit kerstballen, omdat ik ze saai vind, maar ik krijg ze wel geregeld (mijn vrienden weten dat ik een Kerstsnol ben) en onthoud de gevers, zodat ik elk jaar met plezier kan constateren dat de ballen van Woeter weer iets te zwaar zijn en die van Remco, een oud-leerling, nog steeds glanzend en roze zijn. Als alle ballen in de boom verzameld zijn, is het tijd voor de final touch: de zogeheten 'fuckertjes', kleine houten mannetjes die winteractiviteiten doen, ooit voor heel weinig guldens bij de Blokker aangeschaft. En dan is het klaar, althans de boom is dan klaar - aan het in Kerstsfeer brengen van de rest van het huis valt gelukkig nog een heleboel eer te behalen, maar dat is iets voor volgende week.

vrijdag 3 december 2010

Een vers kopje theeeeeeeeeee...

Ik ben een enorme theeleut. Ik kan een kopje thee soms uren van tevoren organiseren - ik verzin dan welke mok ik ga gebruiken, welke thee ik zal zetten en wat ik zal doen terwijl ik die thee aan het drinken ben. Voor iemand die verder in haar leven weinig lijkt te plannen, ben ik bij het theeproces toch lichtelijk neurotisch, maar dat soort dingen luistert ook allemaal heel nauw. Ik heb verschillende mokken voor verschillende gelegenheden: een Ampelmännchenmok uit Berlijn voor de ochtend-rooibos, een hele grote Iittala uilenmok voor als ik thee wil drinken terwijl ik zit te lezen, een mok met 'Drama Queen' erop voor als ik met de Griekse tragedie bezig ben, een beige 'I Hate JR'-beker voor die dagen waarop de jaren '80 ineens weer heel belangrijk zijn en een mooie zwarte kom zonder oren voor als ik een meditatief moment heb (al riskeer ik dan wel dat een deel van mijn thee in mijn decolleté terecht komt, want het gaat eigenlijk nooit goed met die kom).
De thee zelf is natuurlijk ook heel belangrijk. 's Ochtends drink ik rooibos, dat heb ik onlangs leren drinken omdat het me zou helpen afvallen (ik geloof er niets van, maar stel nou dat het werkt...). Op school drink ik sterrenmix of andere kruidenthee, maar geen brandnetelthee, omdat op de verpakking staat dat het 'zuiverend' zou werken, wat mij een eufemisme lijkt voor 'hiervan ga je dun poepen'. Maar als ik thuis kom ga ik helemaal los: ik heb inmiddels een keukenkastje volgebouwd met allerlei lekkere theesoorten, variërend van groene thee met popcorn via chocolade-muntthee tot zwarte thee met roos en lychee. Ik heb kalmerende thee en thee die energie zou moeten geven, detox-thee (wellicht ook zuiverend) en liefdesthee. Als ik me verdrietig voel, val ik terug in een hele oude theegewoonte: supersterke English Breakfast met melk en suiker. Eigenlijk lust ik alle thee, behalve thee met plastic smaakjes (Pickwick met Mango - getver) en de enige thee die Michel graag drinkt, namelijk Lapsang Souchong.
De meeste thee koop ik in Parijs, bij de firma Kusmi. Een paar jaar geleden liep ik per ongeluk de winkel aan de Rue de Seine binnen en sindsdien is Kusmi een vast item in ieder bezoek aan Parijs (dat is in principe twee keer per jaar, dus ik voel me een vaste klant). Ze verkopen heerlijke thee met fijne smaken in mooie ronde blikjes. Op het moment zijn er 8 verkooppunten in Parijs en in het kader van het 101 dingen-lijstje heb ik ze allemaal in een dag bezocht. Ik heb van alles gezien, zoals hun eerste winkel (eind 19de eeuw geopend en sindsdien niet veranderd), de vestigingen aan de Champs Élysées en in de Marais, en schappen in de prachtige voedselafdeling van de Galeries Lafayette en in La Grande Épicerie. Het was een mooi avontuur en een geweldige tocht door Parijs, iets hectischer dan mijn dagelijkse thee-rituelen doorgaans zijn, maar met de nieuwe smaken die ik gekocht heb (groene thee met rozen, een rooibos-tisane en de omineus genaamde Boost) kan ik weer helemaal tot rust komen.

vrijdag 29 oktober 2010

Een klappende hand


Vandaag heb ik, mede in het kader van de 101 dingen-lijst, een workshop Iyengar yoga gedaan. Voor deze bijzondere tak van yoga geldt een gemodificeerde versie van de Ghostbusters-wet: 'you've got the tools, so you don't need a lot of talent', want je gebruikt allerlei hulpmiddelen (banden, dekens, blokken en een stoel) om al die lastige poses mogelijk te maken. In het verleden heb ik redelijk veel yoga bedreven en ik vind het ontzettend leuk om te doen, maar het past niet in mijn op afvallen gerichte sportschema (twee keer per week sport school, drie keer per week rennen), dus ik ben er even mee gestopt. Hoewel het spirituele aspect van yoga mij heel weinig doet (ik ben ongeveer zo zen als een stokstaartje), voel ik me fysiek altijd erg goed als ik een sessie op mijn prachtige oranje matje heb doorgebracht.
De workshop duurde 2 uur en was gericht op nek- en schouderspieren. Die spieren hebben het bij mij vaak zwaar, dus lokaal een beetje aansterken kan geen kwaad, leek me. En ik vond het heerlijk; het was hard werken, maar alle houdingen lukten, deels door de eerder genoemde tools (plus de muur), deels doordat ik van nature best flexibel ben en deels doordat ik kennelijk toch door al dat trainen een stuk sterker ben geworden. De belangrijkste les die ik vandaag geleerd heb was 'the wall is your best teacher', iets wat eigenlijk op allerlei aspecten van mijn leven van toepassing is: ik ben doorgaans geneigd te ver te gaan, en kom er dus regelmatig met de knarsende smaak van baksteen in mijn mond achter dat ik weer eens tegen een muur ben aangelopen.
Om ik au fond toch echt een kind van de westerse consumptiemaatschappij ben, heb ik tijdens de yogaworkshop ook erg genoten van mijn nieuwe aanwinst: het is een officieel Team GB-shirt, door Stella McCartney ontworpen voor Adidas. Want als ik ergens van in hogere sferen raak, is het wel een geslaagde winkelsessie!



donderdag 28 oktober 2010

Verhuisd


Nu de herfstvakantie is afgelopen, is ook de eerder aangekondigde verhuizing van de ene schoollocatie naar de andere voltooid. De verhuiskaboutertjes hebben zich kennelijk het schompes gewerkt, want zo goed als alles wat we in dozen hebben gedaan is schijnbaar ongeschonden overgekomen. Als sectie Klassieke Talen hebben we dan ook maandag 'ons' lokaal ingericht met de boeken (ook de bijbels), wandplaten, landkaarten, de aftandse boekenkast en de vitrine met archeologica. Bovendien heb ik van de kamer van de rector nog twee idiote roze nepbloemenpiemels weten te confisceren, waarmee het vaklokaal de perfecte professionele uitstraling krijgt. In bijna alle lokalen zijn overigens ook digiborden geïnstalleerd - dat zijn schoolborden, maar we zijn het krijt inmiddels ver voorbij: we schrijven met speciale pennen, die ook als muis kunnen fingeren, en dan kan je weer alles opslaan en op de Electronische LeerOmgeving zetten. Ik wist niet dat ik het nodig had, maar binnen twee dagen kan ik me bijna niet meer voorstellen hoe ik het ooit anders heb gedaan.
Op dinsdag was er een speciale bijeenkomst. De leerlingen werden gefêteerd op een spektakel, waarbij docenten en schoolleiding, gekleed in Romeinse outfits, de school officieel openden. Ik kan helaas geen foto bijsluiten van mij als matrona of tempelhoer, want ik heb geweigerd aan de verkleedpartij mee te doen. Ik had hiervoor allerlei redenen, van persoonlijk (hoewel ik geen enkele moeite heb met spreken in het openbaar, voel ik me niet prettig als ik op een podium moet staan in een raar pakje), via professioneel (ik vind niet dat ik me als mezelf respecterend docent op een dergelijke manier te kijk hoef te zetten), tot voor mij standaard opstandig (als de directie zegt dat het moet, heb ik er sowieso geen zin in). De leerlingen hebben in elk geval ademloos zitten kijken, maar ik weet niet of het uit bewondering of verbijstering was. De show is ook gefilmd en op een lokale zender uitgezonden - als je goed naar het filmpje kijkt, ben ik ongeveer even lang in beeld als tijdens het hele Masterchef-avontuur.
Op het moment ervaar ik het nieuwe gebouw als een paar nieuwe schoenen: als ik spectaculaire schoenen koop vind ik ze natuurlijk prachtig, maar ze zitten zelden gelijk lekker, staan nog lang niet naar mijn voeten, ze wrijven, schuren en ik heb blaren. Mijn ervaring leert dat ik er even doorheen moet; ik vermoed dat het gebouw, ondanks het oncomfortabele en ontheemde gevoel dat ik nu heb, binnenkort gegoten zal zitten. Wat wel zou helpen is als ze het koffieapparaat in de docentenkamer zouden installeren...



zondag 24 oktober 2010

Dublin



De afgelopen vier dagen (het staartje van de herfstvakantie) hebben Michel en ik in Dublin doorgebracht, en dat in onze geheel eigen stijl: een zorgvuldig afgewogen balans van cultuur, winkelen, de stad verkennen en, last but very definitely not least, onze grote hobby eten en drinken. Zo hebben we op de eerste dag, zoals we in alle voor ons nieuwe steden doen (en met het bezoek aan Dublin heb ik weer een subvinkje in het 101 dingen-lijstje kunnen zetten bij 'Drie steden bezoeken waar ik nog nooit ben geweest'), een vreselijk toeristische open bus tour met live commentaar en zang van een echte Ier genoten. Handig, vinden wij, want dan hebben we gelijk alles even gezien en kunnen we daarna, onder het genot van een lokaal biertje, verzinnen wat we aan een nadere beschouwing willen onderwerpen. De culturele onderdelen die die status bereikt hebben waren de Book of Kells (belangrijke en prachtig versierde manuscripten van de vier evangeliën in het Latijn), Christchurch Cathedral (recht tegenover het hotel, dus dat was niet zo moeilijk), de Chester Beatty collectie (een prachtig klein museum met wederom manuscripten, en papyri, allen met een religieuze aard) en tot slot, op de snijlijn van cultuur en ontspanning, de Guinness Storehouse (een enorm gebouw dat volledig is gewijd aan het belangrijkste product dat in Dublin gemaakt wordt).
Het winkelen was niet zo'n succes: waar ik doorgaans overal wel kan slagen heb ik me in Dublin noodgedwongen erg in moeten houden. Ik vond het allemaal net niet bijzonder genoeg, of ik kon het niet vinden. De oogst is dan ook bescheiden, want ik tel vier boeken, drie panties en een Guinness-mok om met thee in de trein te zitten. Maar de winkel-kick heb ik bij thuiskomst alsnog gekregen door online de dingen te bestellen die ik in Dublin had willen kopen maar niet kon vinden.
Van het culinaire aspect van de reis heb ik echt genoten. Op de eerste dag hebben we gegeten bij Chapter One, in de kelder van het Dublin Writers' Museum. Het restaurant heeft een Michelin-ster, en wat mij betreft volledig terecht: we kozen het tasting menu van 7 gangen, met daarbij natuurlijk een wijnarrangement. De gerechten en de wijn leken op elkaar afgestemd, zo mooi paste alles bij elkaar. Het absolute hoogtepunt van het menu was de carpaccio van tonijn, met sinaasappel, bietjes en een sesam-wasabidressing. Op de tweede dag aten we bij Trocadero, een klassiek restaurant, waar veel Dubliners duidelijk een speciale avond hadden gepland. Het eten was prima, maar iets minder spannend dan wat we de avond ervoor hadden gezien. Voor ons laatste avondmaal gingen we naar Rustic Stone, gekozen op basis van een artikel in het in-flight magazine van Aer Lingus. De chef van het restaurant heeft in zijn streven zo gezond mogelijk te koken een ingewikkeld codesysteem van gekleurde bolletjes bij elk gerecht op de kaart toegepast, zodat je kan zien wat er allemaal wel of niet in je diner zit. Gelukkig kan je, als je die gezonde bolletjes negeert, gewoon erg lekker eten: een prachtige salade van kiemen en bonen, pasta met pompoen en buikspek en op een gloeiend hete steen gebakken rundvlees. Al met al een in ieder opzichte heerlijk verblijf dus!


zondag 10 oktober 2010

TIETEN!


Iemand die echt succes wil hebben op het internet zal zich op een gegeven moment toch met de boezem bezig moeten houden - al is het alleen al om mensen die het woord 'tieten' in Google intikken naar de eigen pagina te lokken. Ik ben natuurlijk niet te beroerd om me tot dat niveau te verlagen, temeer daar mensen die mij ook maar een beetje kennen weten dat de voorgevel in zowel mijn conversatie als mijn voorkomen een belangrijke rol inneemt - en oktober, tenslotte de Internationale Borstkankermaand, lijkt me een mooi moment. Als je oplet blijkt uit van alles dat het een themamaand is. Je kan armbandjes kopen, handcrème en sportkleding, speciaal uitgebracht door bedrijven die een deel van hun winst afstaan aan het goede doel. Er is een tijdschrift, het Pink Ribbon Magazine, van kaft tot kaft gevuld met vrouwen die vol trots vertellen hoe ze zich hebben ontwikkeld sinds ze borstkanker kregen, wat ik ontzettend dapper vind, want ik denk dat ik, als het mij zou overkomen, vooral heel zielig in een hoekje zou gaan zitten huilen om de teloorgang van mijn gezondheid en mijn decolleté. En ik zie overal roze lintjes, omdat veel dames deze maand laten zien dat ze tegen borstkanker zijn.
Nou ben ik natuurlijk ook tegen borstkanker (wie is er überhaupt voor borstkanker - of enige andere vorm van kanker, for that matter?), en ik ben dat twaalf maanden per jaar. Vandaar dat ik mijn borsten met enige regelmaat (dus elke keer als ik hoor dat iemand anders iets heeft gevonden) controleer op enge dingen, maar deze maand heb ook ik een gesponsorde aanschaf gedaan: het Rink Ribbon-setje van Marlies Dekkers. Het is een extreem roze setje en door het te kopen heb ik €14,40 aan de stichting Pink Ribbon gedoneerd. En ik houd er ook wat aan over, namelijk nieuwe lingerie, reden om gelijk een van de dingen van het 101 dingen-lijstje (een week lang elke dag matching ondergoed dragen) in te zetten. De hele volgende week wordt dus mogelijk gemaakt door Marlies Dekkers, en ik hoop maar dat iedereen die constateert dat de boel bij mij weer mooi in het mandje ligt, overweegt op de een of andere manier een bijdrage te leveren aan wat de roze lintjes proberen te verwezenlijken.


vrijdag 8 oktober 2010

Secret Neurotic Behaviour


Er is een aflevering van de inmiddels wel volprezen serie Sex & The City, waarin de dames bekennen dat er bepaalde dingen zijn die ze altijd doen, als hun partner een avond niet thuis is. Aan dergelijk Secret Single Behaviour maken we ons, denk ik, allemaal wel eens schuldig: als ik een avond weg ben deelt Michel zijn eten met de kat (iets waar ik helemaal gek van word) en als Michel er niet is eet ik uit een kom en ga ik ongeveer twee uur lang in bad zitten. Maar hoewel je je, sinds het in Sex & The City is geweest, voor Secret Single Behaviour niet langer hoeft te schamen, heb ik wel iets anders waar ik me voor geneer, namelijk mijn Secret Neurotic Behaviour.
Er zijn dingen die ik dwangmatig doe zonder dat de meeste mensen het weten. Als ik de deur uitga en afsluit, loop ik na een meter of tien altijd terug om te checken; als ik dat niet doe, voel ik me heel naar. Zelfs als ik de sleutel omdraai in aanwezigheid van iemand anders die kan getuigen dat ik de deur echt goed op slot heb gedaan, wil iedere cel in mijn lichaam het toch nog even controleren. Bovendien is de locatie van mijn voordeursleutel sowieso iets waar ik graag overdreven zeker van ben: ik sta ongeveer de helft van de nachten nog even op om te bevestigen dat mijn sleutel in mijn jaszak zit.
Een andere, iets minder geheime, neurose is mijn houding ten aanzien van boeken. Ik lees geen eerder door anderen gelezen boeken. Als iemand mij een boek aanraadt, moet ik het aanschaffen om het te kunnen lezen. Ik ben ook geen lid van de bibliotheek, want die boeken zijn onrein, en als ik een boek koop en iemand anders knakt de rug van het boek, dan kan ik het net zo goed weggooien en een nieuwe kopen - ik ga dat exemplaar niet lezen. Ik lees principieel niets in vertaling (waardoor ik vermoed dat de Russische literatuur voor altijd een groot geheim voor mij zal blijven) en ik voel me buitengewoon onprettig als ik geen boek bij me heb als ik ergens heen ga (waarbij 'ergens' gedefinieerd kan worden door 'de deur uit').
En als ik dan toch bezig ben met bekennen hoe raar ik eigenlijk ben: ik heb een kastje waarin ik mijn ondergoed op een specifieke wijze die alleen voor mij inzichtelijk is sorteer, ik draag principieel tussen 1 april en 3 oktober geen maillots of panty's (tenzij ik een academische plechtigheid of een begrafenis bezoek), als ik nieuwe kleren of schoenen koop die ik echt heel mooi vind, blijven ze vaak een maand of zes ongedragen met prijskaartje in de kast hangen omdat ik geen gelegenheid bijzonder genoeg vind voor mijn mooie spullen, ik heb twee lades waarin ik mijn nagellak op merk gesorteerd heb, en als ik een beha koop moet ik daar altijd een bijpassende slip bij kopen, maar die draag ik dan niet, want dat is zonde.
Maar al dat rare gedrag levert ook wel wat op: ik heb tenslotte een heleboel mooie slips, prachtige nog ongedragen kleding, stapels boeken om te lezen, deze week voor het eerst in weken het gevoel dat mijn benen niet van mijn kont vriezen en als ik op het station ben de absolute zekerheid dat mijn huis echt goed op slot zit. En dat is ook wat waard, lijkt me.


vrijdag 24 september 2010

If you've got the tools


Het wordt weer eens tijd voor een 101-dingen update. Ik heb de laatste tijd geen vinkjes kunnen zetten, maar van stagnatie is geen sprake, ik vorder gestaag. Zo heb ik twee films gezien (Inception en Angels and Demons, de een het onechte kind van The Matrix en The Sixth Sense en de andere vooral spannend met beelden van Rome en Tom Hanks die ouderwets stijf zijn zinnetjes opdreunde), dus ik kan de A en de I van mijn film-alfabetlijstje verwijderen. Bovendien heb ik 30 boeken geselecteerd voor het 'to read' plankje en heb ik 1 van de geambieerde 30 kledingstukken weggegeven. En, en dat is het meest spectaculaire, ik ben gestart met een beeldhouwcursus.
Natuurlijk begon mijn deelname aan de cursus met een winkelexpeditie, naar Scheveningen, want daar is een winkel waar je blokken albast kan kopen. Bovendien verkopen ze daar hamers en beitels en gutsen, en zoals de Ghostbusters in de jaren '80 al wisten: 'If you've got the tools, you've got the talent.' Een kleine €100 lichter en een kleine 20 kilo steen zwaarder kon ik gisteravond volledig geoutilleerd aan de cursus beginnen. De natuur is miljoenen jaar bezig geweest met het vormen van deze steen, maar geconfronteerd met mijn beitelset en de hamer, die extra slagkracht meekreeg vanwege 2 jaar frustratie op de zaak, had het arme ding natuurlijk geen schijn van kans. De andere deelnemers van de cursus zijn allemaal bezig met concrete ontwerpen; ze nemen een beeldje mee naar de cursus en maken dat na (wat ik overigens niet begrijp, want dat beeldje heb je toch al?). Ik opteer voor een ietwat abstracter concept, omdat ik graag iets wil maken dat deels mooi gepolijst is en deels heel ruw. Voordeel hiervan is ook dat ik voorlopig even lekker in het wilde weg kan hakken. Nadeel is dan weer dat ik me gelijk ga identificeren met allerlei belangrijke miskende kunstenaars, want alle andere cursisten hebben me gisteren op enig moment gevraagd wat mijn beeld moest voorstellen en dat weet ik dus nog niet, maar het leek me dat het aanschaffen van een aantal tools me nog niet gerechtigde om uitspraken te doen als 'ik kies er voor om niet-figuratief te werken' of 'ik wil even afwachten waarheen mijn steen mij leidt'. Daarvoor zal ik nog even iets meer talent aan de dag moeten leggen, lijkt me.


zondag 12 september 2010

Het gevaar van een zondagmiddag thuis


Heel soms heb ik eigenlijk niet zo heel veel te doen op zondag. In een vlaag van goede voornemens voor het begin van het schooljaar heb ik twee weken geleden ijzeren planners gemaakt voor mijn bovenbouwklassen, de lessen in de onderbouw heb ik al 27 keer gegeven, er zijn nog geen toetsen om na te kijken, ik ben bij met mijn financiën, ik hoef geen was te doen en ik kom niet uit een familie die erg hecht aan zondagmiddag bij elkaar op de bank zitten. Ik ben al bij de schoonheidsspecialiste geweest vandaag, dus ik kan mijn wenkbrauwen ook niet verklussen, het half uur rennen (of eigenlijk de 9 minuten rennen en de wandelpartijen eromheen) is alweer achter de rug en verder hoeven we alleen nog maar boodschappen te doen.
Gelukkig weet ik op dit soort lege zen-middagen altijd wel een niet zo heel Boeddhistische missie voor mijzelf te verzinnen: ik ga het internet op, pas het standaardprincipe 'als het te koop is, dan weet Susannah het te vinden' toe, laat de creditcard stevig wapperen en aan het eind van de dag heb ik echt het gevoel dat ik iets bereikt heb. Vandaag heb ik me op twee categorieën gericht: nagellak en wintersportkleding. Nou heb ik geen nagellak nodig (niemand heeft nagellak nodig), maar de nieuwe herfstcollectie van Essie is uit en het zou toch jammer zijn om daar niets mee te doen. En tja, verzendkosten betalen voor 1 flesje is niet economisch verantwoord, lijkt me. Van wintersportkleding weet ik niets. Dat komt doordat ik niet van kou hou en niet van sport, dus ik heb me altijd verre van de piste weten te houden, maar deze winter ga ik met lieve vrienden en collega's een chalet in de bergen huren, alwaar ik vooral boeken zal lezen en voor iedereen zal koken (activiteiten waar ik juist heel erg van hou), maar ik heb ook het plan om elke dag een sneeuwpop te maken. En dan zal ik het toch wel een beetje warm moeten hebben. Gelukkig heeft de firma Moonboots sinds de jaren '80 geen enkele ontwikkeling doorgemaakt, waardoor ik nu in elk geval al in beeld heb hoe ik mijn voeten warm wil houden: als een figurant in de clip van Last Christmas.