Posts tonen met het label 26 films. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 26 films. Alle posts tonen

zaterdag 30 april 2011

Een middagje naar de film

Gedurende mijn jeugd was de afspraak dat degene die jarig was mocht bepalen wat er de hele dag zou gebeuren. Dat had tot gevolg dat ik, toen ik nog een redelijk normaal kind was, jarenlang mijn verjaardag in de Efteling heb gevierd, maar later, toen ik definitieve stappen in de richting van het totale nerdendom begon te zetten, moest het hele gezin gezellig mee naar het Evoluon in Eindhoven. Althans, ik vond het gezellig, maar het was dan ook mijn dag, en daar ging het om tenslotte. Ik vind mijn eigen verjaardag nog steeds een van de absolute hoogtepunten van het jaar, en ik kijk doorgaans meer uit naar de verjaardag van anderen dan de jarige Job of Jet zelf (en dan ben ik ook nog extra gedupeerd doordat Michel helemaal niets doet met zijn verjaardag). Vriend B. heeft onlangs de Christusleeftijd bereikt en wilde graag dat heuglijke feit vieren in LantarenVenster in Rotterdam - daar kan je namelijk heel prima eten, en er draaien ook nog allerlei prachtfilms, dus dat leek me een prima invulling van een verjaardag.
De eerste film die we hebben gezien was Somewhere, geregisseerd door Sofia Coppola. Nou is iedereen altijd enorm onder de indruk van haar oeuvre, maar ik heb me nu plechtig voorgenomen om nooit meer een film van haar te zien. Lost in Translation vond ik al gigantisch overschat, van Marie Antoinette kon ik het nut niet inzien (maar ik koester wel warme herinneringen aan de gebakjes), en Somewhere bleek zo'n oerend saaie film over helemaal niets dat ik van begin (toen de hoofdpersoon kansloos rondjes reed met zijn snelle wagen) tot einde (toen hij die auto in de steek liet) tegen de slaap heb moeten vechten. Je kan je afvragen of er überhaupt iemand zit te wachten op een film waarin verveling overtuigend in beeld gebracht wordt, maar als het kennelijk nodig is, moet het toch mogelijk zijn om dat zo te doen dat de toeschouwer niet door de extreme saaiheid van het gebodene vast boodschappenlijstjes voor het weekend gaat zitten maken. Gelukkig kwam alles goed bij de tweede film, De smaak van de ziel, een documentaire over Cees Helder, de net gepensioneerde chef van Parkheuvel, Erik van Loo, zijn opvolger, en Paul van Craenenbroeck, de man die de Michelinsterren in de Benelux mag distribueren. Helder beschreef op ontroerende wijze de kookdip waarin hij terecht kwam na zijn afscheid als chef (hij heeft maandenlang alleen maar braadworst en gehaktballen bereid), we volgden Van Loo die met zijn vleesleverancier over het teleurstellende lamsvlees moest overleggen (met ondertiteld Limburgs, dat ik gewoon kon verstaan) en Van Craenenbroeck vertelde over het vak van Michelin-inspecteur. Ik heb genoten: ik kreeg zin om de Michelin-gids van kaft tot kaft te lezen, om te koken, en vooral om te eten - gelukkig was Hotel New York op loopafstand, zodat de bioscoopverjaardag feestelijk afgerond kon worden.

zaterdag 5 maart 2011

Oscars 2011

Deze week zijn de Oscars uitgereikt, en waar ik het meestal voor elkaar krijg om in het award season in alle categorieën op het verkeerde paard te wedden, zodat ik alle losers gezien heb en van de winnaars niets weet, heb ik dit jaar toch mooi twee van de drie films die kandidaat leken om de grote prijzen te pakken daadwerkelijk gezien: zowel Black Swan als The King's Speech had ik al ruim voordat er überhaupt een beeldje werd uitgekeerd op mijn lijstje van 26 films afgevinkt. Alleen True Grit moet ik nog, dacht ik, maar misschien hoeft dat ook niet meer, want deze film heeft dan weer in ieder opzicht achter het net gevist. Ik wil natuurlijk wel nog genieten van twee prijzenwinnende bijrollen en naar The Fighter gaan, maar dat ik die niet heb gezien is geen omissie mijnerzijds, maar het gevolg van het feit dat hij simpelweg nog niet draait in Nederland. Van de Oscar-uitreiking als zodanig heb ik weinig meegekregen, maar een van mijn lievelingsblogs heeft de hele week genomen om uitgebreid verslag uit te brengen van wat de dames allemaal op de rode loper droegen, dus inmiddels voelt het een beetje alsof ik erbij was om 'mijn' kandidaten aan te moedigen.
Black Swan vond ik echt een geweldige film. Mijn gebruikelijke bioscoopmaatje B zat, vreemd genoeg, niet zo te wachten op een psychotische balletfilm, maar gelukkig heb ik, door middel van een wanhopige oproep op Facebook, E, een vrolijke vriend, bereid gevonden me te vergezellen op de eerste dag dat hij in de bioscoop draaide. Nathalie Portman zette een prachtige rol neer als een ballerina die afglijdt van veelbelovend jong talent naar volkomen geflipt. Het was wel heel eng: ik heb een aantal scènes van achter mijn handen moeten bekijken, niet zozeer omdat ze het contact met de realiteit totaal verliest, gaat hallucineren en haar slechte kant langzaam de overhand laat krijgen - dat vind ik nog tot daar aan toe, maar als ze vervolgens langzaam velletjes bij haar nagels eraf gaat zitten trekken, met klassieke muziek op de achtergrond, wordt het echt pure horror. Gedurende de film heb ik een aantal keer gedacht dat het misschien een beetje een belachelijke film was, maar uiteindelijk moest ik toch concluderen dat ik het erg indrukwekkend heb gevonden. Bovendien heb ik nog een paar dagen aan weinig anders dan aan Black Swan gedacht, en dat overkomt me verder zelden bij bioscoopbezoek.
Omdat ik zo van Engelse films en, sinds zijn prachtige rol in A Single Man, van Colin Firth houd, ben ik, deze keer wel met B, naar The King's Speech gegaan. Hoewel het van begin tot eind duidelijk was dat de makers van de film kosten noch moeite gespaard hebben, heb ik het toch ervaren als een aangenaam kleine film: er was weinig bombast, het verhaal was prettig opgebouwd, en de personages waren allemaal in zekere zin erg sympathiek. De spraaktherapeut van de koning, een mooie rol van Geoffrey Rush, was raar, maar niet zo raar dat hij ongeloofwaardig werd. Ik was oprecht ontroerd door de manier waarop het koninklijk echtpaar het stotterprobleem van de koning als gezamenlijk probleem aanpakte, en iedereen leefde ook zo met de koning mee dat hij, een ruime 60 jaar na dato, bij zijn legendarische radiobroadcast kon rekenen op de steun van de volledige bioscoopzaal. Het was ook een verrassend grappige film: niet omdat ik graag lach om spraakgebreken (ik zou niet durven, althans, ik zou het niet durven toegeven), maar er werd een aantal mooie relativerende opmerkingen gemaakt.
De eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat ik weinig films die wel genomineerd waren maar niet gewonnen hebben gezien heb, zodat ik eigenlijk niet in staat ben om een volledig gefundeerd oordeel te geven over de vraag of de Oscars voor respectievelijk beste mannelijke en vrouwelijke hoofdrol terecht zijn uitgekeerd. Ik zou sowieso niet heel graag in de jury van de Oscars willen zitten - hoe kun je totaal verschillende films met elkaar vergelijken en bepalen welke de beste is? Al met al geloof ik dat ik Black Swan iets indrukwekkender vond dan The King's Speech, alleen al vanwege de schitterende scène waarin La Portman zo overtuigend is als de zwarte zwaan van Tsjaikovski dat ze heel even echt vleugels lijkt te hebben, maar ik kan prima leven met de beslissing om The King's Speech tot de beste film van het jaar uit te roepen. Ik ben in elk geval erg blij dat ik ze allebei gezien heb.

zondag 13 februari 2011

Linkse hobby's

Er waren tijden dat Michel en ik ongeveer eens in de drie weken naar het theater gingen. Er waren toneelgroepen waar we zo'n beetje alles van wilden zien, regisseurs wiens werk we echt actief volgden en als er ergens een nieuw stuk van Peer Wittenbols of een oud stuk van Harold Pinter ten tonele werd gebracht, waren wij er altijd bij. De volgende fase in de ontwikkeling van onze linkse hobby was dat we met groepen leerlingen voorstellingen bezochten in het kader van het prachtvak Klassieke Culturele Vorming. Hoewel dat altijd gezellig was en we er een paar memorabele avonden aan hebben overgehouden, verwerd theaterbezoek toch wel een beetje tot werk, en werk doe je eigenlijk liever niet in je eigen tijd, zodat er uiteindelijk in ons eens zo actieve culturele leven totaal de klad is gekomen. Toen ik met mijn 101 dingen-lijstje bezig was, vond ik het erg pijnlijk om te constateren dat het misschien een goed idee zou zijn om 'een toneelvoorstelling bezoeken' in de planning op te nemen, maar ik heb het wel gedaan, al was het alleen al om ervoor te zorgen dat we iets waar we in het verleden zoveel plezier aan hadden beleefd in elk geval nog een keer zouden doen.
Gisteren was het dan zover: mijn eerste theaterbezoek in tijden. Voor deze belangrijke gebeurtenis hadden we gekozen voor de Bacchanten in het Appeltheater. Nou is De Appel een toneelgroep waar ik eigenlijk nooit zo'n fan van ben geweest (al die Haagse cultuursnobs in hun eigen theater in Scheveningen), maar aan de Bacchanten van Euripides valt altijd ontzettend veel te beleven (de grote literaire thema's sex, extase, religie en door je moeder in stukken gescheurd worden) en ik had enthousiaste verhalen over deze voorstelling gehoord, dus het leek me een mooie gelegenheid om ons culturele leven weer op te starten. En dat was het ook: na een wat moeizaam begin heb ik met veel plezier gekeken naar het prachtoptreden van Joost Bolt als Pentheus, het koor dat bestond uit vrolijke Maenaden-poppetjes met gek haar en het bodeverhaal van Joop Keesmaat. Het optreden van Geert de Jong als Agaue, in veel recensies van de voorstelling als hoogtepunt van de voorstelling aangekondigd, deed mij niet zo veel, maar dat kwam misschien doordat ze op een gegeven moment zwaar getraumatiseerd trillend en snotterend in haar rolstoel zat (ze had haar voet gebroken, dus de rolstoel was geen regiekeuze) en ik de associaties met het toch wat teleurstellende Love and Other Drugs met de beste wil van de wereld niet kon onderdrukken. Het decor van de Bacchanten verdient een eervolle vermelding: achter de spiegels waarin het publiek zichzelf kon zien en die op een aantal momenten ineens doorzichtig bleken lag een spectaculaire schroothoop, die in delen werd uitgelicht, eerst als graf en aan het eind van het stuk, als Dionysus heeft gewonnen, als de locatie van een extreem luidruchtige helse drumsolo. Dat ik deze voorstelling echt als een succes heb ervaren, blijkt misschien nog het meest uit het feit dat ik vanochtend alvast een lijstje heb aangelegd van andere toneelstukken die ik wil gaan bezoeken. Ik weet niet of het er van komt, maar de behoefte is er in elk geval weer en dat is ook wat waard.

zondag 6 februari 2011

Back in business

Tot mijn grote vreugde is sinds gisteren de website van het Day Zero project in ere hersteld, zodat ik nu eindelijk weer kan beschikken over een volledige 101 dingen-lijst. In de back-up, die ik aan de hand van een kladversie in Excel gepoogd had te reconstrueren, stonden namelijk maar 96 dingen. Nu ik de echte lijst terug heb, weet ik ook welke 5 dingen ik vergeten was: een Sunday Times kopen en lezen (staat in de planning voor de zondag na het sprookjeshuwelijk van prins William met zijn burgermeisje), een keer floaten (die hoef ik alleen maar een keer te boeken, want het kan gratis van de genereuze cadeaubon die ik in 2009 als Kerstpakket heb gekregen), in 10 restaurants een Caesar-salade eten (stom dat ik deze vergeten was, omdat ik er al een tijdje mee bezig ben), een Christmas-pudding maken (niet urgent, want daar hebben wij Engelsen in november een officiële dag voor, Stir up Sunday, die voor 2011 in mijn agenda staat), en, tot slot, een week geen alcohol drinken (die had ik kennelijk verdrongen). Ik had het voornemen om zodra ik wist welke dingen ik vergeten was juist aan die activiteiten prioriteit te geven, maar sommige zijn tijdsgebonden en ik ben er nog lang niet aan toe om 7 dagen wijn- en ginvrij door te brengen - als ik ergens een Caesar-salade op de kaart zie staan zal ik hem gelijk bestellen, en morgen zal ik een float-afspraak maken.
En als ik dan toch met voornemens bezig ben, is dit misschien het moment om te bekennen dat in een van mijn goede voornemens, nummer 2 (4 keer per week sporten), flink de klad gekomen is. Behalve dat ik mijn sportactiviteiten elke week keurig in mijn agenda inplan heb ik in 2011 welgeteld 1 bezoek aan de sportschool gebracht en ben ik 1 keer 20 minuten gaan hardlopen. Ik houd me wel aan mijn dieet, zodat ik nog niet al te veel ben aangekomen, maar ik moet toch oppassen dat ik niet weer langzaam ga uitdijen. Daarom zal ik met ingang van 7 februari het goede voornemen om te sporten moeten herstarten. Nummer 4 (het thuisrestaurant) loopt overigens als een trein, ik heb met een 9 mijn hygiënecertificaat gehaald en ben toegelaten tot het starterstraject van de Kamer van Koophandel, dus nu kan ik daar schier onbeperkt cursussen volgen over fascinerende onderwerpen als marketing, belastingen en juridische zaken. Het hoekje van de woonkamer dat ik laatst had opgeruimd ziet er nog steeds netjes uit, ik heb dit jaar al vijf boeken gelezen, ik maak elke dag mijn gezicht keurig schoon, de kast in de badkamer waarin mijn omvangrijke collectie bruisballen, doucheschuim en zeep woont is gisteren gerationaliseerd, en vrijdag heb ik samen met Michel uiterst genoeglijk in Amsterdam doorgebracht, zodat ik kan constateren dat ik voornemens 5 tot en met 9 netjes ten uitvoer aan het brengen ben. Nou nog even mijn karkas naar de sportschool slepen en niemand houdt me tegen!

zondag 23 januari 2011

Moderniteiten

Lang geleden, in een heel jong stadium van het mobiele telefoon-tijdperk, vroeg Michel wel eens aan mensen die de hele tijd met hun handy in de hand stonden wat ze vroeger deden als er iets mis dreigde te gaan met een afspraak of als ze even een vraag hadden aan een vriend. Meestal kreeg hij hierop als antwoord dat dat soort problemen zichzelf doorgaans oplosten: als je te laat kwam, dan merkte degene met wie je het afgesproken het vanzelf wel, en een vraag aan een vriend is zelden zo urgent dat hij niet even kan wachten. Michel heeft ook nog steeds geen mobiele telefoon - hij gelooft er niet in. Ik daarentegen ben volledig vergroeid met mijn iPhone, en zou zo onderhand liever een onbelangrijk ledemaat inleveren dan mijn handige alles-(en-dan-ook-echt-alles)-in-een-tool kwijtraken.
Ik ben voor mijn dagelijks functioneren sowieso nogal afhankelijk van moderniteiten. Tijdens het verblijf in het sneeuwchalet was ik 5 dagen internetloos, en hoewel ik dat niet actief als een gemis heb ervaren, vooral omdat ik wist dat een tijdelijk ongenoegen was, vond ik het maar wat heerlijk toen een reisgenoot ontdekte dat er gratis Wifi was in het restaurant van het terrein. Wat me de laatste tijd ook opvalt is dat ik dolgraag door de stad loop (en dan maakt het me niet eens heel veel uit welke stad) en dan allerlei winkels bezoek, maar dat ik daadwerkelijke aanschaffen toch het liefst online doe. Zo heb ik deze week in een bui van extreme frustratie met de baas in precies 3 minuten een paar schitterende laarzen gekocht zonder daarvoor de docentenkamer te hoeven verlaten. En zelfs als ik niet uit nijd aan het winkelen ben, kan ik online altijd prima krijgen wat ik wil - ik ben er onlangs nog in geslaagd om een rokje dat ik heel graag wilde te kopen met 70% korting door maar lang genoeg te wachten tot het op my-wardrobe.com voldoende afgeprijsd raakte. En toen het in een sjieke tas in de op de website aangekondigde 'discreet cardboard box' werd afgeleverd (alsof de luidruchtigheid van de verpakking is wat je doorgaans thuis moet verklaren - het probleem is eerder dat er weer een pakket wordt bezorgd, niet hoe het pakket eruit ziet), bleek het prima te passen en kon ik op het 101 dingen-lijstje 'een kledingstuk van Alexander McQueen kopen' afvinken.
Althans, dat kon ik in theorie. Want de website van het dayzeroproject, waar mijn 101 dingen-lijstje woont, is al weken uit de lucht. Ik heb onlangs 3 films gekeken: The Green Hornet (hele leuke trailer, ik had er ontzettend veel zin in, want ik houd erg van superheldenfilms, maar het was van begin tot eind afschuwelijk slecht geschreven, geacteerd en uitgevoerd), Vicky Cristina Barcelona (weer een Woody Allen-film, best aardig) en Volver (mijn eerste Almodóvar, ik vond het schitterend). Inderdaad, twee keer een V, iets dat ik misschien had kunnen voorkomen als ik mijn online lijstje had kunnen bijwerken. Want ik had namelijk zoveel vertrouwen in de digitale snelweg dat ik totaal vergeten was er een back up-ventweggetje langs te leggen, zodat ik nu mijn lijst bijhoud in een onvolledig Excel-bestand. Misschien moet ik toch eens overwegen niet meer zoveel vertrouwen te hebben in al die moderne nieuwlichterij en gewoon weer eens iets ouderwets op papier te zetten...

woensdag 19 januari 2011

Intertextualiteiten

Ondanks het schijnbaar chaotische leven dat ik lijk te leiden, heb ik de neiging om extreem strakke regels aan mezelf op te leggen. Ik moet bijvoorbeeld altijd shampoo en conditioner van hetzelfde merk gebruiken, en gooi als een fles van het een op is alles wat eventueel is overgebleven van het ander weg - een tamelijk dure afwijking dus. Een ander principe waarmee ik mezelf soms in de weg zit, is de regel dat ik pas een film mag zien als ik het boek gelezen heb. In het geval van The Road heeft me dat in plaats van 2 uur uitzichtloze somberheid in de bioscoop een heel weekend post-apocalyptische depressie opgeleverd (gevolgd door 2 uur uitzichtloze somberheid in de bioscoop); soms leidt het ertoe dat ik een film die ik graag wil zien, niet of aanzienlijk veel later dan andere mensen te zien krijg. The English Patient (het boek) vond ik niet om doorheen te komen, zodat ik The English Patient (de film) in mijn eentje heb moeten kijken, omdat iedereen die ik kende al geweest was, terwijl ik nog zat te ploeteren op het proza.
In het geval van The Hours liep ik ongeveer 8 jaar achter de fanfare aan, omdat deze film een extra complicatie met zich meebracht: het is de verfilming van een boek, en dat boek kan je weer niet ten volle waarderen als je het boek dat erachter ligt niet gelezen hebt. Daarom moest ik eerst Mrs. Dalloway (Virginia Woolf) lezen, dan The Hours (Michael Cunningham) en dan pas mocht ik van mezelf de film zien. Door de twee boeken op het 'to read'-plankje te zetten heb ik mezelf kunnen dwingen om aan daadwerkelijk lezen toe te komen.
Nou is lezen een van mijn allergrootste hobby's, maar bij het lezen van Mrs. Dalloway bekroop mij voor het eerst in langer dan ik wil weten het gevoel dat ik op de middelbare school zat en voor mijn lijst bezig was. Ik heb inmiddels vernomen dat het een belangrijk boek is voor de narratologie, en begrijp ook wel waarom: de combinatie van stream of consciousness met wisselende perspectieven is inderdaad in theorie heel erg interessant, maar ik kwam toch niet verder dan een milde academische betrokkenheid bij Mrs. Dalloway, haar vrienden, vage kennissen en de depressieve man die zelfmoord pleegt.
In het geval van The Hours was dat anders; ik vond het een prachtig boek, dat inderdaad zwaar op Mrs. Dalloway leunt, maar op een fascinerende wijze de inhoud van de roman en het leven van de schrijfster weet te vervlechten met twee andere verhalen. Afwisselend kijken we mee met de vrouw die Mrs. Dalloway schrijft (Virginia Woolf dus), een vrouw die Mrs. Dalloway leest (een depressieve huisvrouw in de jaren '50), en een vrouw die in sommige opzichten Mrs. Dalloway is (een vrouw in New York in de jaren '90). Bij romans die zo intertextueel zijn als deze ben ik doorgaans geneigd om te denken 'schrijf dan je eigen boek', maar dat heeft Michael Cunningham ook wel eens gedaan; ik heb van hem Specimen Days gelezen, en dat vond ik veel minder mooi. Ik vind een cover zelden beter dan het origineel, maar doordat ik The Hours heb gelezen waardeer ik Mrs. Dalloway ook meer, en dat is toch best een prestatie.
De film vond ik zelfs nog beter dan het boek. Ik houd erg van films die de mogelijkheden die film biedt optimaal uitbuiten, en dat gebeurt in The Hours zeker. Door snel en constant heen en weer te zappen tussen de drie vrouwen en hun verhalen, zie je als kijker veel parallellen, zodat je de samenhang goed in beeld krijgt. Tot mijn gêne moet ik wel bekennen dat ik de film nodig had om door te krijgen dat de stervende vriend van de mevrouw in New York het zoontje van de desperate housewife was; ik vind het eigenlijk een beetje jammer, want toen het drie losse, maar op essentiële details samenhangende verhalen waren, kon ik mijn eigen verbanden nog leggen. Nu wordt mij een soort boodschap opgedrongen, denk ik, maar ik kan geen andere boodschap uit de film destilleren dan dat je, als je je zoontje een middag alleen laat om in een hotelkamer een boek te lezen (en geen zelfmoord te plegen), er de aanleiding voor zal zijn dat hij jaren later, als AIDS-patiënt, in een ochtendjas in dezelfde stof als de kussensloop in zijn kinderkamer uit het raam springt - niet direct praktisch toepasbaar in het dagelijks leven, maar ik zal er rekening mee houden. In elk geval ben ik blij dat ik nu eindelijk heb verdiend dat ik van mezelf de film mocht kijken, en de weg daarheen was achteraf ook niet zo'n hele zware.


maandag 1 november 2010

Work in progress


Hoewel ik op het moment weinig daadwerkelijke vinkjes kan zetten in het 101 dingen-lijstje, ben ik hard bezig binnen de sublijsten. Zo heb ik mijn breinaalden weer opgepakt: ik begon met mijn breitas uitzoeken, wat resulteerde in een middag gezellig gekleurde spaghetti ontwarren, daarna heb ik een oranje muts gebreid en vorig weekend ben ik aan een gifgroene sjaal begonnen. Het is juist de bedoeling dat ik iets anders brei dan een muts en een sjaal, maar het leek me verstandig even niet zo ambitieus te beginnen. De beeldhouwcursus loopt ook naar wens. Mijn beeld vordert gestaag, al is het wel zo dat de eerstevolgende medecursist die mij vraagt wat het moet worden als antwoord 'een vagijn' kan verwachten, niet omdat ik er een aan het maken ben, maar omdat ik vermoed dat alleen dat antwoord die vraag eens en voor altijd de kop in zal drukken. En mijn abstracte steen is tenminste ambitieuzer dan het project van een Schot die ook de cursus volgt, want die is (zonder dollen) bezig om een steen te maken. Het item '30 kledingstukken wegdoen' is ook van start gegaan: ik heb een paar laarzen weggegeven aan iemand bij wie ze veel beter passen dan bij mij, een oude winterjas die te veel op mijn nieuwe lijkt is geadopteerd door een collega en gisteren heb ik een sportbroek weggegooid omdat hij, wonder boven wonder, te groot is geworden (of ik te klein, hangt van je perspectief af). Verder heb ik nog 3 films gezien in het kader van de 26 films, waarvan 2 films met een moeilijke letter, namelijk You will meet a tall, dark stranger (de nieuwste Woody Allen, vermakelijk en nietszeggend tegelijk) en Cyrus (alleen maar nietszeggend en, ondanks de titel, even klassiek als Platoon). De derde film was The men who stare at goats, tijdens een etentje met collega's, zowel vermakelijk als vooral achteraf fascinerend, niet alleen vanwege de imposante snor van George Clooney.
Het enige vinkje dat ik echt heb kunnen zetten is die bij 'een week lang matching lingerie dragen'. Ik ben er inderdaad in geslaagd om de hele week als een echte dame in officiële setjes gehuld te gaan, precies zoals mijn moeder wil ('Wat moeten ze in het ziekenhuis denken als je daar met niet-bijpassend ondergoed wordt binnengebracht?' 'Nou, ma, ik hoop eigenlijk dat ze het dan zo druk hebben met het redden van mijn leven dat mijn schitterende Marlies Dekkers even op de achtergrond raakt, eerlijk gezegd.'). Ook bij dit project heb ik hier en daar nog een wijs lesje weten op te pikken: hardlopen met een string aan is minder grappig dan je denkt en het is inderdaad zonde om nieuwe onderbroeken niet te dragen. Ik vond het op een gegeven moment bijna jammer dat ik geen ongeluk kreeg...

woensdag 20 oktober 2010

Nu! Met nog meer diepgang!!!

Omdat het herfstvakantie is, heb ik tijd om dingen te doen die ik anders doordeweeks niet kan doen. Men mag dan altijd beweren dat docenten vroeg klaar zijn en elke dag de hele middag zelf kunnen inrichten, ik ervaar dat toch anders. Deze vakantie biedt mij in elk geval de gelegenheid om op woensdagmiddag naar de film te gaan, en ik heb gelijk de kans gegrepen om een vinkje op het 101 dingen-lijstje te zetten door een film in 3D te bekijken. Dat had ik namelijk (een bezoek aan de Pandadroom in de Efteling even daargelaten) nog nooit gedaan. Het leek me namelijk ook niet nodig: de essentie van film is mijns inziens dat het 2D is; als ik iets in 3D wil zien, ga ik wel naar het theater of, nog extremer, gewoon de deur uit.
De redelijk lovende recensie die Despicable Me van de Volkskrant kreeg leek me voldoende aanleiding om juist deze film te selecteren voor dit avontuur. Bovendien dacht ik dat een animatiefilm in 3D misschien meer effect zou bieden dan een film met 'echte' mensen erin. Bij aanschaf van het kaartje kregen we een brilletje dat er zo suf uitzag dat ik het alleen nog een beetje aantrekkelijk kon maken door de coolste lens op mijn Hipstamatic iPhone App te gebruiken, maar gelukkig zaten we allemaal in het donker, dus dat maakte weinig uit. Het brilletje werkte wel: ik heb genoten van de film, en de derde dimensie bood zeker toegevoegde waarde. Het verhaal van de film was niet heel bijzonder (Gru, the bad guy, wil the worst guy zijn, maar wordt door drie lieve weesmeisjes minder slecht en alles loopt goed af), maar de personages hadden allemaal iets aandoenlijks, de minions van Gru (kleine gele poppetjes) waren echt geweldig leuk en met mijn lelijke bril op heb ik de achtbaanrit ervaren alsof ik zelf in een karretje zat. En bij de aftiteling gaven de minions nog een mooie toegift door allerlei dingen te doen die vooral lieten zien hoeveel diepgang de firma Universal Pictures nu echt aan zijn films kan geven - in technische zin is dat in elk geval behoorlijk wat.


vrijdag 24 september 2010

If you've got the tools


Het wordt weer eens tijd voor een 101-dingen update. Ik heb de laatste tijd geen vinkjes kunnen zetten, maar van stagnatie is geen sprake, ik vorder gestaag. Zo heb ik twee films gezien (Inception en Angels and Demons, de een het onechte kind van The Matrix en The Sixth Sense en de andere vooral spannend met beelden van Rome en Tom Hanks die ouderwets stijf zijn zinnetjes opdreunde), dus ik kan de A en de I van mijn film-alfabetlijstje verwijderen. Bovendien heb ik 30 boeken geselecteerd voor het 'to read' plankje en heb ik 1 van de geambieerde 30 kledingstukken weggegeven. En, en dat is het meest spectaculaire, ik ben gestart met een beeldhouwcursus.
Natuurlijk begon mijn deelname aan de cursus met een winkelexpeditie, naar Scheveningen, want daar is een winkel waar je blokken albast kan kopen. Bovendien verkopen ze daar hamers en beitels en gutsen, en zoals de Ghostbusters in de jaren '80 al wisten: 'If you've got the tools, you've got the talent.' Een kleine €100 lichter en een kleine 20 kilo steen zwaarder kon ik gisteravond volledig geoutilleerd aan de cursus beginnen. De natuur is miljoenen jaar bezig geweest met het vormen van deze steen, maar geconfronteerd met mijn beitelset en de hamer, die extra slagkracht meekreeg vanwege 2 jaar frustratie op de zaak, had het arme ding natuurlijk geen schijn van kans. De andere deelnemers van de cursus zijn allemaal bezig met concrete ontwerpen; ze nemen een beeldje mee naar de cursus en maken dat na (wat ik overigens niet begrijp, want dat beeldje heb je toch al?). Ik opteer voor een ietwat abstracter concept, omdat ik graag iets wil maken dat deels mooi gepolijst is en deels heel ruw. Voordeel hiervan is ook dat ik voorlopig even lekker in het wilde weg kan hakken. Nadeel is dan weer dat ik me gelijk ga identificeren met allerlei belangrijke miskende kunstenaars, want alle andere cursisten hebben me gisteren op enig moment gevraagd wat mijn beeld moest voorstellen en dat weet ik dus nog niet, maar het leek me dat het aanschaffen van een aantal tools me nog niet gerechtigde om uitspraken te doen als 'ik kies er voor om niet-figuratief te werken' of 'ik wil even afwachten waarheen mijn steen mij leidt'. Daarvoor zal ik nog even iets meer talent aan de dag moeten leggen, lijkt me.


woensdag 25 augustus 2010

De kop is eraf...



Het schooljaar is nu alweer 3 dagen bezig. We begonnen maandag met een gigantisch lange dag, met - echt waar - alleen maar vergaderingen. Eerst een ALV, of een APV of een ADV, weet ik veel of de schoolleiding ons dit jaar ziet als docenten, personeel of leraren, daarna een tutorenvergadering, daarna een lunch, waarbij er een uitgebreide keuze was aan dingen die ik niet eet of drink (enorm vet, zuivel en een 'warm broodje'. Zoiets roept bij mij toch vragen op. Hoe hebben ze dat broodje warm gekregen? Erop zitten?), en daarna een lange vergadering met mijn sectie.
Dinsdag was dan eindelijk het moment aangebroken waarop ik leerlingen te zien kreeg. Dat waren er dan ook gelijk meer dan 130, die ik in twee etappes wervend mocht toespreken in de aula, hun roosters mocht geven en al hun bezwaren aanhoren. We hebben een nieuwe leerling in de 4de klas, die mij kwam vertellen dat ze er erg veel zin in had; ze was zo gemotiveerd dat ik er ook gelijk een energy boost van kreeg.
Omdat ik nu nog een maand de macht heb in klas 4 en 5, heb ik een deel van de dag zo ingevuld dat ik tijdens het werken ook iets van mijn 101 dingen-lijst kon doen. We hebben namelijk gisteren met 5V de film La tête en friche bezocht, een heel fraaie film over een lieve, maar ietwat onderontwikkelde man, die niet zo goed kan lezen of leren. Zijn hoofd was dan ook een soort braakliggend terrein (dat is namelijk 'en friche', dat wist ik ook niet). Een heel aardige oude dame helpt hem met lezen, en hij werd een heel ander mens. Ik was een beetje huiverig over met een grote groep 16-jarigen naar een Franse film gaan, maar ze hebben zich keurig gedragen. Ik was weer trots op ze - en ook op de 4V-ers, die voor hun tutoren een heerlijke buffetmaaltijd hadden opgericht. Zo is het helemaal niet moeilijk opstarten, sterker nog: ik kan niet wachten tot ik morgen weer 'echt' les mag geven!



zaterdag 21 augustus 2010

The morning after


Gisteren gaven we een feestje. Dat doen we elk jaar in het laatste weekend van de zomervakantie, om te vieren dat we weer terug naar school mogen. Ik vind het altijd geweldig, vooral omdat op het nazomerfeestje allerlei soorten vrienden bij elkaar komen die het dan verrassend goed met elkaar kunnen vinden. De dag na het feestje vind ik vanwege het nagenieten doorgaans ongeveer net zo leuk, zeker als ik, zoals vandaag, net brak genoeg wakker word en dan op een iets lager tempo dan anders kan opruimen, de zeer genereuze geschenken van al die vrienden kan bekijken en kan toekijken hoe mijn vriend alle glazen afwast. De wollige post-party sfeer werd nu bruut verstoord door een sms-je van Jan, die op de terugweg naar huis was gevallen met de fiets, zijn gezicht had moeten laten hechten en scheurtjes in zijn oogkas en bovenkaak had. Na een vredige middag in een speeltuin, waar Huub, de zoon van andere vrienden, zijn tweede verjaardag vierde, hebben we Jan maar even bloemen gebracht. De foto's van Huub en de bloemen heb ik gemaakt met de Hipstamatic app op mijn iPhone - leuke retrokleuren!
Omdat Michel de hele avond naar het Liberaal Bacchanaal is, kan ik mooi werken aan mijn 101 dingen: ik ben gaan hardlopen en daarna simultaan begonnen aan de 26 films (die allen met een andere letter van het alfabet beginnen) en aan het kijken van de DVDs die ik heb. Vanavond heb ik The Black Dahlia gekeken. Ik weet niet of hij me de rest van mijn leven zal bijblijven (een mooie combinatie van een overambitieus plot met een sterrencast die integraal de individuele reputaties niet waar weet te maken), maar hij past precies binnen de wollige sfeer waarin ik me vandaag wentel.